fbpx

Lisanne verloor op haar 27-ste haar moeder

Nadat journalist Lisanne van Sadelhoff (30) drie jaar geleden haar moeder verloor, werd ze soms gek van verdriet. Ze schreef er het indrukwekkende boek ‘Je bent jong en je rouwt wat’ over, dat sinds deze maand te koop is. Wendyonline.nl deelt een voorpublicatie.

Een vriend vierde zijn verjaardag, ik was vergeten een cadeautje te kopen. Het was de vierde verjaardag waarvoor ik was vergeten een cadeautje te kopen sinds mijn moeder was overleden. In het begin was dat prima. Cadeaus waren overrated, zeiden mensen dan, en ze sloegen me een beetje onhandig op mijn schouder en ik glimlachte omdat ik wist dat ze op zo’n moment aan mijn ellende dachten en dat ik op zo’n moment hoorde te glimlachen.
Maar eigenlijk wilde ik zeggen dat niet alleen cadeaus overrated zijn. Dat ook verjaardagen overrated zijn, etentjes, werk, op vakantie gaan, geld sparen. Zelfs zoiets simpels als wakker worden is overrated, sokken aandoen, mijn haren doen, tandenpoetsen, stokertje tussen mijn kiezen, naar de kapper gaan – ik was al maanden niet meer geweest en ook bij de schoonheidsspecialiste zagen ze me niet meer. Maar nou én?

Vergeten

Dit keer hoorde ik niet dat een cadeautje overrated was. Het was al zeven maanden geleden. Ik had het niet mogen vergeten.
Maar mensen vergaten wel meer. Mensen vergaten dat je niet zomaar achteloos aan iemand die net een ouder is verloren kunt vragen: ‘Alles goed?’ Ook op deze verjaardag weer. Ik had en heb het liefst dat mensen vragen of ik mijn moeder mis. Of mijn vader zich een beetje redde. Of werken een beetje lukte. Concrete vragen. Daar kon ik concreet op antwoorden. Ja, ik miste mijn moeder, nee, werken lukte niet echt, ja, mijn vader redde zich soms een beetje en soms ook helemaal niet.
Maar wat moest ik nou antwoorden op de vraag ‘alles goed?’ Als je moeder dood is, dan is toch nooit meer ‘alles goed?’ En toch al helemaal niet als het pas zeven maanden geleden is?

Alles goed?

We gaan er altijd maar van uit, dat alles goed is. Maar ‘alles’ is veel te veel. Veel te omvangrijk. Veel te onbereikbaar, nu, voor mij. Ik keek naar de vrienden van mijn jarige vriend in de kroeg, stuk voor stuk leuke mensen. Ze lachten, hadden het over een serie die ik ook had gezien, Peaky Blinders. Ik kon de hoofdpersoon Tommy heel goed nadoen met zijn Britse accent en was daar best trots op. Maar ik durfde niets en ik kon niets.
Het enige waar ik op dat moment over had kunnen praten was de dood en wat chemo’s met een mensenlichaam doen, hoe stijf een lichaam wordt als het eenmaal op een koelplaat ligt – wist je dat er zelfs ijspegels in het haar van een overleden persoon kunnen komen? Maar niemand wilde aan ijspegels in haren van doden denken op deze zaterdagavond en misschien ikzelf ook wel niet. Ik zat met ervaringen waarvoor ik geen woorden kon vinden.
Hoe moest ik mensen uitleggen wat we hadden meegemaakt, zonder over te komen als een gekkie, een zielig vogeltje, een verloren figuur?

Mijn ellende bleef woordeloos in mijn hoofd hangen.

Ik nam een te grote slok van mijn rode wijn en voelde hoe er een druppeltje van mijn kin liep. Als je te grote slokken van je wijn neemt op een verjaardag, dan weet je dat je eigenlijk niet had moeten gaan. Als ik er nu aan terugdenk, dan was ik het tegenovergestelde van een cliniclown. Die brengt vrolijkheid op een plek vol dood en verderf, ik deed het net andersom.

#

Therapiesessie

‘Ik heb geloof ik een probleem.’ ‘Vertel.’

‘Ik kan niet meer echt meedoen met de rest. Ik zie al drie dagen van tevoren op tegen verjaardagen – ik vind verjaardagen verschrikkelijk, al die mensen in feeststemming, die maar verwachten dat je leuk doet. Ik hoef maar slingers te zien en ik krijg buikpijn. Laatst ben ik huilend van een verjaardag weggefietst. Het voelt zo eenzaam. En op het werk lukt het ook niet meer.’

‘Hoe bedoel je?’

‘Nou ja. Je kunt als freelancer niet echt ontslagen worden, maar ik mag niet meer werken op de plek waar ik zat, kreeg ik laatst te horen.’

‘Wat was de reden?’

‘Eh. Ik geloof dat ik mezelf een beetje onzichtbaar heb gemaakt.’

‘Hoe moet ik dat zien?’
‘Hahaha. Onzichtbaarheid kun je toch niet zien?’ ‘Hahaha. Ja. Waar. Maar vertel eens?’
‘Ik zat alleen maar in een hok op mijn werk. En ik deed niet meer mee met de lunches. Maar hoezo moet dat? Hoezo konden ze er verdomme geen rekening mee houden dat ik net mijn moeder heb verloren?’

‘Kijk, ik ga even iets voor je tekenen. Deze twee cirkels staan voor de tijd na je verdriet. De ene cirkel staat voor dóórleven: je leven oppakken, werken, vrienden zien, naar verjaardagen en etentjes gaan, sporten. De andere cirkel staat voor doorléven: je verdriet doorleven, het voelen, erdoorheen gaan.’

‘Ik doe het allebei, toch?’

‘Nou… Je wekt bij mij een beetje de indruk dat je iets te veel doorlééft op de momenten dat je moet dóórleven, en andersom.’

‘O.’

Je bent jong en je rouwt wat, € 22,99, te koop via Bol.com  of Dasmag.nl 

Je bent jong en rouwt wat

 

 

 

(Visited 1.283 times, 1 visits today)






MEEST VIEWED

Blije momenten met onze
wekelijkse nieuwsbrief