fbpx

Wendy’s voorwoord: Vrijheid is kunnen zijn wie je bent

Vrijheid is kunnen zijn wie je bent

Het gevoel van vrijheid heb ik altijd sterk gevoeld. Ik kón vrij zijn, omdat ik me altijd zo geborgen voelde in ons gezin en mocht zijn wie ik ben. Onvoorwaardelijk, die eeuwige, liefdevolle steun van mijn ouders.
Een kind is in basis sowieso gelukkig en vrij. Hoe blij kon je zijn als de ijscoman de straat in kwam rijden? Hoor je het belletje nog rinkelen? Een ijsje! Wat een vreugde. Ik moet meteen denken aan die briljante sketch van komiek Eddie Murphy: Ice Cream Man Is coooooming! Hahaha, als je die nog niet gezien hebt MOET je die even gaan kijken op YouTube.

‘Wees er trots op als je er hard voor werkt’

De zoektocht naar je werkelijke ik speelt een grote rol bij het behouden van die vrijheid. Gaat het erom hoe goed je scoort, of gaat het erom hoe goed je je best doet? Als kind maakte ik de toets van de zesde klas slechter dan slecht. Leraren snapten er niks van; ik kon toch wel beter dan dat? Een week later zat ik in een klein kamertje apart om een andere toets, met veel meer plaatjes dan letters of cijfers, te maken. Daar kwam nog mavo/ havo uit, maar op de middelbare school in de Bijlmer volgden eindeloze jaren in de brugklas, uitmondend in een best ‘mavocomplex’. Was ik wel goed genoeg? Wel slim genoeg? Kinderen van nu worstelen er net zo mee en dan roep ik: ‘Wees er trots op als je er hard voor werkt! Ik heb er vijf jaar overgedaan en ben best goed terecht gekomen.’

Je hart volgen

Nog belangrijker: ik voelde me fijn. We begonnen lekker later dan andere scholen, hadden vier lesblokken waarin we ook al huiswerk maakten. Er zaten geen deuren in de lokalen, ik kon weglopen wanneer ik wilde. Heb me nooit anders gevoeld dan anderen en ben uiteindelijk met een mooie cijferlijst geslaagd.
Daarna volgde ik mijn hart en stapte ik in een vrij beroep, als achttienjarige aan het werk in de grote mensenwereld. Dat klinkt stoer, als een selfmade free bird, maar ik merkte dat ik heel onzeker was. Kon moeilijk ontspannen. Altijd last van mijn darmen, huid en brandend maagzuur. Uitkomst: stress. Ik moest en wilde mezelf geestelijk verrijken. Ik wilde stoppen met piekeren en wakker liggen en pakte op een dag het boek ‘Niet morgen maar nu’. En verslond het.

‘Ik stelde me open aan al het onbekende,
sloeg angsten van mij af en ik paste de regels toe’

Vanaf dat moment lag ik bijna nooit meer wakker. Dit hielp mij dus. Mezelf een andere denkmethode aanleren. Niet zo vastzitten in gedachtes en geconditioneerd leven. Loskomen van: maar dat hóórt zo, dat móét zo, dat kun je niet máken. Ik volgde cursussen van Arold Langeveld over dualisme en las meerdere spirituele boeken van denkers als Eckhart Tolle en Deepak Chopra. Al lerende en mezelf voedende durfde ik steeds meer te zijn wie ik was en te vertrouwen op wat zou komen. Ik stelde me open aan al het onbekende, sloeg angsten van mij af en ik paste de regels toe: spreek uit wat je wensen en dromen zijn en ga op je doel af.
In de tijd dat ik Ushi speelde, ging ik met een opname langs bij Kemna Casting. Ik wilde in de film en dat komt niet zomaar op je pad. Ze stonden raar te kijken, maar werd de volgende dag gebeld om auditie te doen voor Alles Is Liefde.

Mezelf opnieuw verrijken

Toen twee relaties van mij strandden, ik net moeder was geworden en mijn vader verloor, liep ik weer vast. Tijd om mezelf opnieuw te verrijken. Ik besloot mee te gaan naar life coach Anthony Robbins en lang verhaal kort: het was Life Changing. Ik kwam in een zaal met duizenden mensen en voelde al snel dat ik geen minuut wilde missen; opgeslokt door de energie. Ik genoot van elke seconde. Huilde, lachte, knuffelde, ging ‘dood’ en rees weer op met allemaal vreemden om me heen. De eerste nacht liep ik op blote voeten over hete kolen en voelde mij on top of the world! 

Vrijheid is kunnen zijn wie je bent. Ik durf meer en meer te zijn wie ik ben, ben steeds minder bang voor het onbekende en leef steeds meer in het moment. Ik gun dat  iedereen. Omdat het alles en vooral ook jezelf steeds verder brengt. Liefs en geniet nog van deze vrije zomer! 

Liefs, Wendy

 

Binnenkijken bij Kim Kötter en Jaap Reesema

Hij groeide met vijf broers en zussen op in een Pippi Langkous-huishouden, zij is de dochter van een Twentse meubelhandelaar. Hoe SBS Shownieuwspresentatrice en Miss Nederland-onderneemster Kim Kötter (36) en zanger Jaap Reesema (33) vijf jaar geleden in een Loosdrechtse bungalow hun plek vonden. WENDY mocht binnenkijken bij dit mooie gezin.

‘Dit huis heeft van ons een gezin gemaakt’

Jaloezie. Er valt niet aan dat gevoel te ontkomen als je het park op wandelt waar het huis van Jaap Reesema en Kim Kötter staat. Overal groen, veel ruimte, een hoop privacy, in de verte een meertje, en vooral: die rust. Voor stedelingen met een krap appartement voelt deze overgang als vakantie. Vijf jaar geleden kwamen Jaap en Kim in deze omgeving wonen. Eerst twee deuren verderop als huurders, nu sinds tweeënhalf jaar als eigenaren van deze bungalow in het groen. En dat maakt Kim en Jaap lucky bastards.

Want zodra de buitentemperatuur in het voorjaar tot 17, 18 graden oploopt, gaan de schuifdeuren open, om niet meer dicht te gaan tot in de herfst de verwarming aan mag. En zo is de tuin de helft van het jaar een verlengstuk van het huis. Zoon Muck (2) banjert in zijn luier en op blote voeten het gras in, waar hij speelt in het opgeknapte, houten tuinhuisje dat hij van zijn peettante, Kims zusje, voor zijn eerste verjaardag kreeg. In het blauw geschilderde kinderdomein zit een keukentje, waar hij door de raampjes naar buiten kan kijken, waar hij de deurtjes open en dicht kan doen en de planten water kan geven. Zoon Youp, net negen weken oud, ligt in zijn wieg in de lichte woonkamer met zijn vele, hoge ramen, te slapen. En hond Snoet – de wollige pomeriaan – begroet iedereen met een korte, waakse blaf bij de deur. De sfeer typeert de warmte, lieflijkheid en kindvriendelijkheid van de omgeving; hier ben je welkom.

kids kim en jaap

Het vrije leven

Zes jaar geleden leerden Kim en Jaap elkaar kennen. Zij jureerde bij de FHM Buurmeisje van het Jaar-verkiezing, hij kwam met een vriend mee. Kim: ‘Ik had hem eigenlijk aan mijn vriendin gekoppeld, maar die was al vroeg weg die avond. Na het feest zijn we met een groep gaan varen. Jaap zong liedjes in mijn oor, we hadden dezelfde Spotify-lijstjes en het klikte enorm. De dag daarna heb ik zijn familie ontmoet, hij ontmoette een paar dagen later míjn familie. We wisten meteen dat het goed zat, hij heeft toen mijn vader al om mijn hand gevraagd.’

Ze woonden eerst samen in een appartement in Amsterdam

Het vrije leven: de deur uit wanneer je maar wilt, samen touren door de stad op zijn lichtblauwe scooter, overal souperen en plezier maken. Jaap: ‘Dat ding heb ik ooit gekocht van mijn eerste geld. Daar was ik zo blij mee. Dat scootertje staat voor mij symbool voor de ultieme vrijheid. Dat wil ik nooit meer wegdoen. Hij staat nu achter het huis, helemaal weg geregend, al doet hij het nog wel.’

Na een tijdje veranderen hun wooneisen

Ze wilden de auto voor de deur, meer ruimte, bijvoorbeeld voor een hond… Kortom, ze wilden de stad uit. Kim: ‘We vinden het in Amsterdam heel leuk, maar we hadden wat eisen en die krijg je daar niet voor dat geld.’ Op Funda zagen ze dit vakantiepark voorbijkomen en ze gingen kijken. In een leegstaand huisje, liepen ze naar binnen en werden op slag verliefd. Kim: ‘Er stond hier helemaal niks te koop of te huur, maar we hadden de mazzel dat we iemand zagen rondlopen in een huisje dat leegstond. Die vertelde dat de eigenaresse er zelf in zou gaan wonen. We zochten contact met haar en ze vond het eigenlijk wel fijn als wij dat huis zouden huren, dan kon zij zelf in haar andere huis in Loosdrecht gaan wonen. Zo konden we eerst kijken of het ons zou bevallen, voordat we hier zouden kopen.’

De keuze voor Loosdrecht was overigens niet geheel toevallig

Jaap heeft altijd al iets met de omgeving gehad en zijn moeder woont even verderop in Nigtevecht. ‘Loenen, Vreeland en die hele omgeving aan de Vecht heb ik altijd heel mooi gevonden. Mijn broer en zijn vrouw en twee zusjes zijn in de buurt komen wonen. We komen hier oorspronkelijk niet vandaan, we komen uit Dordrecht, maar hebben ons inmiddels allemaal in de buurt gevestigd. Het is ideaal, omdat je op de route zit naar het achterland, je hebt de stad Hilversum om de hoek en we zijn veel in Amsterdam.’

cover #22

In de nieuwe WENDY vertellen Kim en Jaap meer over hun eerste aankopen en herinneringen. Even een momentje voor jezelf? Gun jezelf een abonnement op WENDY magazine en ontvang een prachtig cadeau!

Oefening: zo kom je tot rust

‘Stilte is een hulpmiddel om echt te leven’, lezen we in Stilte vinden van Amber Hatch. In een tijd waarin we continu ruis om ons heen hebben, is het zaak om zelf momenten van rust en stilte te creëren. Deze visualisatieoefening van Hatch helpt daarbij.

1. De natuur kan ons veel ruste geven, maar als de natuur niet om de hoek is, kun je deze ook visualiseren

Ga op een rustig plekje liggen en stel je voor dat je over een weide loopt. Insecten en zaadpluisjes zweven boven de weide bloemen. De insectenvleugels vangen het licht op. Je weet waar je bent, maar je hebt geen haast. Een eindje verderop zie je een stukje gras onder een wilgenboom. Je voeten banen zich suizend een weg door het gras. Krekels springen uit de weg en zingen ergens anders vrolijk verder.

Voeten gras

2. Nu ben je dichterbij. Je ziet de rivier achter de met gras begroeide oever

Je ziet insecten boven het gladde, donkere wateroppervlak heen en weer schieten. Een waterhoen schrikt van je aanwezigheid, springt het water in en veroorzaakt een golfjespatroon. Je bent hier eerder geweest. Het gras is warm, droog en veerkrachtig: het wiegt heen en weer terwijl jij gaat zitten.

rivier water

3. Je trekt je schoenen uit en stopt je sokken erin

De grassprieten kietelen je voetzolen. Je rekt je uit en gaat liggen. Je ligt in de schaduw van de wilgenboom. Tussen de bladeren door zie je stukjes blauwe lucht. Er zweven nog meer zaadpluisjes voorbij. Soms lijkt het alsof ze blijven hangen, dan weer lijkt het alsof ze in een draaikolk worden gevangen die door libellen en bladluizen wordt gevormd.

libellen

4. Je sluit je ogen en de vage geur van warme modder krult je neusgaten in

Grassprieten prikken in je armen en buigen onder je hoofd. Je hoort het water kabbelen, op weg naar zee. Het gezoem van insecten is er de hele tijd al, maar nu laat je je oren ermee vullen, zodat je niets anders meer hoort. En nu laat je dat geluid vervagen en luister je naar het zachte briesje dat de bladeren laat ritselen.

gras

5. De spieren in je armen en benen beginnen zich te ontspannen

De aarde lijkt naar je uit te reiken om je lichaam te ondersteunen, om het zacht te dragen, en het voelt alsof je steeds dieper in het gras wegzinkt. Je ademhaling is nu vloeiend en moeiteloos, en steeds dieper. Je ligt hier een poosje, en je luistert alleen maar.

Heb jij een druk en hectisch leven? En wil je een nieuwe inspirerende kijk op rust en ontspanning om je leven te ontdoen van lawaai? ‘Stilte vinden’ van Amber Hatch verschijnt 17 juli 2018 bij Kosmos Uitgevers voor slechts 15 euro.

Lezen amber hatch

Amber Hatch is een schrijfster met passie voor welzijn en een betekenisvolle connectie. Op haar blog kun je meer lezen over haar bijzondere persoonlijkheid en boeken. Laat je inspireren!

Géza Weisz en zijn vader Frans vertellen over hun bijzondere band

De regisseur en de acteur, de een levenslang gefocust, de ander creatief versnipperd. Een ontheemde jeugd versus het leven van een zondagskind. Maar altijd: vader en zoon. Hoe is de band tussen Frans en Géza Weisz?

Generaties

‘Dag jongen,’ zegt Frans liefdevol als zoon Géza binnenkomt. Frans straalt van oor tot oor. De mannen kussen elkaar, hond Sjaantje krijgt een knuffel van ‘opa’. Géza bestelt een kop thee, voor Frans is maar één bestelling mogelijk: espresso, altijd espresso. Zelfs vlak voor het slapengaan – een stevige gewoonte uit zijn Italiaanse studietijd. ‘Het moet niet té zoetsappig worden, hoor!’ roept Géza nog voordat we beginnen. Dit is het eerste interview dat vader en zoon geven naar aanleiding van hun gezamenlijke project ‘Het leven is vurrukkulluk’. De film, gebaseerd op het gelijknamige boek van Remco Campert, is niet zomaar een projectje: het is een droom die voor vader Frans na 55 jaar eindelijk uitkomt, met zijn bloedeigen zoon in de rol van Boelie. Samen een film maken, dat was vast… ‘Levensgevaarlijk!’ roept Frans. ‘Nee, integendeel, het was vurrukkulluk. Echt. Ik zal even in het kort…’

‘Pas op, hoor, hij liegt,’ knipoogt Géza. ‘Kort wordt het namelijk nooit, mijn vader houdt nogal van praten.’ Frans lacht. ‘Ik wil deze film al ruim een halve eeuw maken, het liet me maar niet los. Het verhaal appelleert aan een jeugd in de jaren zestig, anders, vrijer en trager dan nu, de dagen gaan tegenwoordig sneller dan ooit. En die titel: ik ben er verliefd op, want het leven ís vurrukkulluk! De kunst van het leven is om altijd naar het kind in jezelf te luisteren, tot je laatste snik. Ik koester dat gevoel, het kind in mij, en deze film heeft het allemaal.’

Frans en Geza

En dan ook nog met je zoon in een van de hoofdrollen.

F: ‘Géza had als baby al kleine rolletjes in mijn films, hij was een soort talisman, bracht me geluk. Nu wilde ik weleens méér. Maar ja, als je samen met je zoon een film maakt, ben je natuurlijk direct verdacht. “Sorry, maar er zijn toch nog wel andere acteurs in Nederland?” Het maakt ons kwetsbaar, vind jij niet?’

G: ‘Jij voelt sterk de behoefte om je keuze voor mij te verantwoorden. Ik heb daar geen last van. Ik maak me geen illusies: als jij niet de regisseur was geweest, had ik niet in deze film gespeeld, klaar. Dit is veruit het belangrijkste project in mijn carrière. Dat kun je corrupt vinden, maar ik vind het vooral te gek dat we kunnen samenwerken, zó zie ik het.’

Hoe ging dat samenwerken: is je vader een moeilijke regisseur?

Frans gaat rechtop zitten, zichtbaar nieuwsgierig. ‘Nee, hij is lief en licht,’ stelt Géza hem gerust. ‘Zolang het goed gaat! Frans is totaal bezeten van het vak en daarom ook veeleisend, bij vlagen driftig: wie er niet helemaal bij is, wordt genadeloos aangepakt. Toch accepteerde iedereen dat – ze wisten: dit is geen klootzak, deze man wil gewoon de béste film maken.’ Hij glimlacht naar Frans. ‘Dat kwam door die speech, op de eerste draaidag, weet je nog? Jij, altijd lang van stof, beperkte je tot drie woorden: “Alsjeblieft, help me!” Je tranen waren zichtbaar en het diepe verlangen om deze film te maken vóélbaar, voor iedereen. We gingen ervoor.’

F: ‘Deze crew was van goud, ik hoorde elke dag geneurie om me heen.’

G: ‘We stonden allemaal ‘aan’. Ook bij mij ging het vanzelf, sterker nog: ik zat er zó in dat ik behoorlijk bemoeizuchtig was – meer dan ooit voelde ik ‘de Frans’ in mezelf. Bij een andere regisseur was ik er niet mee weggekomen. Net als die keer dat ik zo kwaad was op mezelf: ik worstelde met een scène en toen jij je ermee ging bemoeien, werd ik extra fel. Tegen een andere regisseur zou ik sorry zeggen, nu trapte ik heel dramatisch tegen een prullenbak.’

F: ‘We ruzieden een paar minuten tot we ineens allebei begonnen te lachen.’

G: ‘Net zoals onze ruzies vroeger: we zijn temperamentvol, kunnen allebei ongelooflijk kwaad worden, maar nooit langer dan tien minuten. Dan komt de lach weer. We hebben zelden tot nooit discussie. Ook doordat jij en mama compleet oordeelloos zijn; als kind gaven jullie me vleugels van liefde mee en zeiden: ga de wereld in, spring maar, we weten dat je blijft zweven.’

F: ‘Ik ben als regisseur wel kritischer op Géza dan op een ander, omdat ik ervan uitga dat hij precies weet wat ik wil. Maar over het algemeen kijk ik heel open naar alles wat hij doet. Of het nou het Ziggospotje is of een dj-optreden, of iets heel anders, ik heb er een mening over. Vaak denk ik: wauw goed! En soms is het: och jeetje, jongen, wat is dít nu toch weer?’

G: ‘Mijn vrienden zijn veel harder, zij zeggen expliciet: ik vond je echt slécht – haha. Dat zou jij nooit doen. Als jij iets van mij hebt gezien en je belt me daarna niet direct op, weet ik hoe laat het is: dan vind je het niks. Toch ben je nooit brommerig, maar overwegend bewonderend.’

Lees het complete interview met Frans en Géza in WENDY#18, die nu in de winkels ligt.

Cover Happy & Healthy WENDY