fbpx

Het idyllische leven van Esther in Zweeds Lapland veranderde in een klap toen haar man een ernstig ongeluk kreeg

Een idyllisch leven had schrijfster Esther Quatfass. Samen met haar man emigreerde ze naar Zweeds Lapland, waar het stel een toeristisch sleehondebedrijf runde dat meerdaagse tochten organiseerde. In de ruige natuur van Lapland voelt Esther zich thuis, maar een noodlottig ongeval, waarbij haar man zijn knieën, bovenbenen, een voet, een elleboog en zijn kaak brak veranderde alles. Voor wendyonline beschrijft Esther wat haar overkwam en hoe ze hun leven nu vorm geven.

Opeens stond hij aan mijn bed. Ik ben niet gelovig opgegroeid, maar geloof bestaat wel in mijn familie. Het is een begrip waar voor mij ontzettend veel onder kan vallen. Het lijkt raakvlakken te hebben met alle aspecten van het leven. Wanneer is iets er echt en wanneer bestaat het alleen maar in de geest? Stef stond daar niet echt aan mijn bed, maar toch was hij er. Misschien was het alleen maar een wens, maar het voelde als een sterke aanwezigheid, als een soort oergevoel in mijzelf.

Ik werd gebeld door het ziekenhuis. Het was ernstig. Of ik meteen wilde komen. Van ons huis aan een meer in Zweeds Lapland snelde ik naar de buren, vijfhonderd meter een besneeuwde heuvel op. Daarna was het honderd kilometer rijden naar de spoedeisende hulp.

De grote klap

In de auto probeerde ik mij voor te stellen hoe vóór de grote klap alles in zijn werk moet zijn gegaan. Het plotselinge opdoemen van koplampen in een hevige sneeuwval. Een kortstondig, indringend besef dat er geen ontkomen aan is. Wat voel, of denk je tijdens de fractie van een seconde waarin je weet dat het gaat gebeuren? Is er nog wel ruimte voor angst of boosheid? Doe je misschien een instinctieve poging om de klap te voorkomen, of is er alleen maar een verlammende leegte?

Twee auto’s die frontaal op elkaar botsen: ik kan me er niets bij voorstellen. Het lawaai. De schok die door je lichaam dendert, je botten breekt, je ingewanden kapot scheurt, je tanden eruit slaat. Het gekraak en geknars van metaal in een ijskoude buitenlucht.

Hij werd beademd, in slaap gehouden, kreeg hoge dosissen pijnmedicatie en bloed toegediend en vast nog meer, want een wirwar aan slangetjes was op drie plaatsen aangesloten op zijn lichaam. Hij had zijn bovenbenen, knieën, een elleboog, een voet en zijn kaak gebroken en het grootste deel van zijn darmen verloren. Hij had drains, een katheter, de inhoud van zijn maag werd via een slang door zijn neus in een zakje opgevangen en na een paar operaties zaten zijn benen gefixeerd in metalen stellages en had hij een dubbele stoma.

Dat je leven na zoiets ingrijpends op zijn kop staat, is niet waar. Het is nog veel erger: je leven ligt aan diggelen. De scherven en splinters vliegen alle kanten uit en delen ervan schieten zo ver weg dat ze voor altijd buiten bereik blijven.

De honden verkopen

Omdat Stef er niet was om mee te denken, kwam het nemen van beslissingen helemaal bij mij terecht. Ook voor wat betreft zijn vijfendertig sledehonden. Ik wilde de kennel voor hem draaiende houden, hem de kans geven om terug te komen, maar hij zou in ieder geval maandenlang mijn hulp nodig hebben. Ik moest ons leven zó inrichten, dat het voor mij een haalbare kaart werd. Terwijl hij nog in slaap was, verkocht ik de eerste honden. Hij heeft geen afscheid van ze kunnen nemen.

Na vier dagen maakten we voor het eerst contact. Hij herkende me, wilde door mij worden aangeraakt en al snel ging zijn hand omhoog en maakte hij letters in de lucht. ‘Hoe gaat het met die ander?’ was een van de eerste dingen die hij wilde weten.

Er kwamen tranen, frustraties, maar geen boosheid, of depressie. We hadden allebei vooral de behoefte om ons fijne leven in de weidse natuur zo goed en zo kwaad als mogelijk voort te zetten.

Na twee maanden in het ziekenhuis te hebben gelegen, werd een van de kamers in ons huis een opslagplaats voor medicijnen. De woonkamer werd Stefs ‘ziekenhuiskamer’, met een verstelbaar bed, drie rolstoelen, twee rollators, po’s, plasflessen en een infuusstang.

Ik deed alles zelf. Overdag was ik steeds in de weer en ‘s nachts moest ik er tot drie keer uit om Stef op de po te helpen, of om de foutmelding van zijn infuus op te lossen. Zo ongeveer alle ongezonde gevolgen van slaaptekort heb ik doorgemaakt. Haaruitval, een beroerde concentratie, trage reacties, prikkelbaar zijn, huidveroudering, en na een korte periode van gewichtsverlies juist een gewichtstoename doordat het hongerhormoon ghreline het heft in handen nam.

Stapje voor stapje vooruit

Alsof het allemaal nog niet genoeg was, trad er een ernstige complicatie op. In de gebroken gewrichten groeide overtollig bot, waardoor zijn elleboog en knieën niet te buigen waren. Ze zaten vastgegroeid. De artsen wisten niet hoe ze ermee om moesten gaan. Het niet weten… we werden er aan alle kanten mee geconfronteerd. Hoewel mensen veel weten, weten ze niet alles. Er is schijnveiligheid te over, mensen die denken het te weten, mensen die doen alsof ze het weten, hele overheden en instituten met uitnodigende imago’s van wetenschap, noem maar op, maar sinds het ongeluk zijn we al tegen zoveel onwetendheid aangelopen, dat het leven één groot medisch experiment lijkt te zijn geworden. Ik vraag me af of we het ons eigenlijk wel kunnen permitteren om de grenzen van wat mogelijk is op te zoeken, als dat gepaard gaat met leed en vernietiging. Krijgen we daarmee de bevestiging dat de mens toch niet zo oppermachtig is en de wereld niet zo maakbaar als hij wel denkt? Moeten we onder ogen zien dat we als mens niet alles voor elkaar kunnen krijgen in deze wereld? Het zijn vragen waar je een heleboel filosofische beschouwingen op kunt loslaten.

Hoe dan ook ging Stef in rap tempo vooruit: van twintig muizenstapjes met een liftrollator naar een paar honderd meter lopen met een gewone rollator. En opeens liet hij de rollator staan. Traag en met volledige concentratie wist hij, ondanks zijn bijna onbuigzame knieën en linker-elleboog, een heleboel voor elkaar te krijgen.

De liftrollator verdween uit beeld, daarna een van de rolstoelen. Niet veel later werden ook het ziekenhuisbed en de brug over de trap naar de voordeur opgehaald.

Hoewel hij steeds vooruit bleef gaan, was het moeilijk voor hem om niet méér te willen. Om niet de vergelijking te maken met wat hij vóór het ongeluk allemaal kon. Het is een breuk in de tijd geworden. Een beginpunt en een eindpunt tegelijk. Een moment van waaraf je opnieuw begint te tellen. Er zal altijd een vóór en ná ‘het ongeluk’ zijn. Een Stef van daarvóór en een Stef van daarná. Avonturen van ervóór en erná.

Vergeving

Toen we na een woelig half jaar weer in rustiger vaarwater terecht waren gekomen, zochten we uit wat er met de andere automobilist was gebeurd. Vergevingsgezindheid en rancune liggen in elkaars verlengde. Net als liefde en haat. Als ik mij concentreer op wat Stef heeft doorgemaakt en hoe hij voor de rest van zijn leven is verminkt, als ik mij concentreer op alles wat we hebben verloren en niet meer kunnen doen, dan zie ik achter die gedachten de starende ogen van een naargeestig wezen dat erop uit is mijn ziel te vermorzelen… Het wil me laten voelen hoeveel pijn het doet, hoeveel verdriet er is. Het wil dat ik boos ben, haat voel, en als ik het de ruimte zou geven, zou het willen dat ik wraakzuchtig was. Maar ik heb dat wezen niet toegelaten. Ook al zeiden mensen tegen me dat ik boos mocht zijn. Dat ik mocht wensen dat het met de andere automobilist slechter zou aflopen dan met Stef. Ze verzekerden mij dat dat menselijke gevoelens waren, maar we waren niet boos. We wilden niet dat het slecht met haar ging. We waren juist blij te horen dat ze niet zwaargewond was.

Ze kwam, heel dapper, bij ons op bezoek. Ze had alles zien gebeuren, zei ze. De lichten gezien. Twee felle stralen in een donkere, ijzige wereld. Ze was uit een bocht gekomen en een flauwe helling afgereden. Een jonge vrouw alleen. Ze had met negentig kilometer per uur aan de toegestane maximale snelheid gereden. Haar auto stond ingesteld op de cruise controle, zei ze. Na de klap waren ze samen naar haar kant van de weg gegleden. Daarna naar Stefs kant en vervolgens weer naar haar kant. Twee auto’s in een innige verstrengeling, als boksers in een ring, die elkaar ten slotte loslaten.

We houden de honden

De meerdaagse sledehondentochten kunnen we niet meer uitvoeren, maar we hebben tien honden gehouden en Stef heeft alweer een paar keer op zijn slee gestaan. Door het infuus dat hij dagelijks nodig heeft om in leven te blijven, hebben we een vaste routine moeten ontwikkelen. Elke dag krijgt hij een liter vocht en elke nacht een liter intraveneuze voeding toegediend. Maar in afwachting van vervolgoperaties aan zijn gewrichten, ondernemen we weer dingen. Alles gaat langzamer en moeizamer dan vroeger, maar we renoveren ons huis, wandelen stukjes met de honden, we halen het maximale uit onszelf en kunnen van elkaar en de mogelijkheden genieten.

Er is geen bewijs voor de precieze toedracht van het ongeluk. Er zijn alleen vermoedens. Maar maakt het iets uit? Iedere auto met bestuurder is op elk moment een potentiële moordmachine. Er was geen kwade opzet in het spel. Het was een ongelukkige samenloop van gebeurtenissen. Ook als de vermoedens bewezen zouden worden, verandert dat niets aan de situatie. We krijgen er niets door terug. Alleen terugkeren naar het moment zou iets kunnen veranderen. Het moment herstellen door de loop van die dag te veranderen. Een seconde later van huis weggaan, elkaar wat langer gedag zeggen, hem laten voelen dat ik van hem hou, omdat het de laatste keer kan zijn…

Toen Stef en de vrouw elkaar omhelsden, zag ik voor het eerst dat je als vreemden een sterke emotionele connectie kunt hebben. Op een bepaalde manier zullen die twee voor altijd met elkaar verbonden zijn.

Esther behoort tot een van De Wereldwijven! Een uniek netwerk van Nederlandstalige vrouwen wonend in alle uithoeken van de wereld. Neem een kijkje op hun website voor meer inspirerende verhalen.

Esther Quatfass is schrijfster van romans en thrillers. Ze groeide op en studeerde in Amsterdam, maar verloor haar hart in Scandinavië. Samen met haar Belgische partner verruilde ze de lage landen voor het prachtige Zweden. De natuur is een veelvoorkomend element in haar boeken. Kijk voor meer informatie op haar site.

Ontdek hier meer inspirerende Power Stories.

(Visited 880 times, 1 visits today)






MEEST VIEWED

Blije momenten met onze
wekelijkse nieuwsbrief