Zonder jou. Yvonne verloor haar zoon Daniël van 20 aan meningokokken: ‘Een stukje van mijn hart is voor altijd afgestorven’

In de serie Zonder jou vertellen mensen over het verlies van een geliefde of familielid. Hoe voelt diepe rouw? Wat geeft hen troost? Dit keer vertelt Yvonne van Bokhoven over het verlies van haar zoon Daniël van twintig.

‘Daniël en ik waren echte zielsverwanten. Vaak zei hij: “Ik blijf voor altijd bij jou wonen.” Mijn man ging vaak wat vroeger naar bed, en dan konden Daniël en ik nog een tijd op de bank zitten kletsen. Over wat hij wilde gaan doen in zijn leven, zijn dromen. Het was zo’n vrolijke gezonde jongen. Hij was gek op voetbal en op PSV en hij studeerde journalistiek; het was zijn grote wens om later in de sportjournalistiek te werken. Appen deden we wel twintig of dertig keer per dag. We noemden elkaar altijd buffel. Mist grote bffl kleine bffl nog een beetje, appte hij dan, dat soort zinnetjes.

Mensen zeggen soms: “Is het al twee jaar geleden dat Daniël is overleden”, maar voor mij voelt het nog als de dag van gisteren. Een kind is zo’n kostbaar bezit en dat ik hem kwijt ben is één groot verdrietig gemis. Ik mis hem zo vreselijk. Ik heb nog een kind, een dochter van 27, en voor haar ga ik door, maar elke ochtend als ik wakker word denk ik: weer een dag dichter bij Daniël. Het voelt alsof er een stukje van mijn hart voor altijd is afgestorven. Het hoort niet, dat een kind eerder overlijdt dan een ouder, het valt niet te bevatten.’

Introductiekamp

‘Daniël was die week mee geweest op een introductiekamp voor de eerstejaars van zijn opleiding journalistiek. Toen hij op woensdagavond thuiskwam voelde hij zich moe, maar niet ziek. Donderdag was de afsluiting van de introductie in Eindhoven. Vrijdagochtend ging hij naar school, toen was er nog niks aan de hand. Maar vrijdagmiddag werd hij ziek. Ik dacht nog dat hij gewoon moe was en die week misschien teveel biertjes had gedronken. Hij kreeg er diarree bij en ik zorgde dat hij genoeg bleef drinken. Ik werk zelf als OK-planner in het ziekenhuis, dus ik heb wel enige medische kennis. Daniël werd echter steeds zieker en toen hij 39,9 graden koorts bleek te hebben zette ik hem de volgende dag in de auto om naar de huisartsenpost te gaan. Vanaf dat moment is het razendsnel gegaan. Het bleek niet mogelijk te zijn om zijn bloeddruk te meten en hij moest meteen door naar de spoedeisende hulp. Daar stelden de artsen nog allerlei vragen, ik moest zelfs even weg. Had hij misschien drugs gebruikt, teveel gedronken? Maar dat was allemaal niet aan de hand. Er werd gedacht aan acute leukemie, maar al snel ontstond het vermoeden dat Daniël meningokokken had opgelopen. Nog geen paar uur later lag hij op de Intensive Care. Ik weet nog dat hij die avond naar PEC Zwolle –PSV zou gaan en dat hij me vroeg om op zijn telefoon de wedstrijd te volgen. Hij reageerde nog enthousiast toen ik hem vertelde dat het 1-0 was en later dat PSV had gewonnen. “Mooi”, zei hij. Dat is het laatste wat hij heeft gezegd.

Het ging verschrikkelijk snel. Wat gebeurt hier, dacht ik, het viel niet te bevatten. Daniël kreeg antibiotica toegediend, maar het kon hem niet meer helpen. Hij kreeg een sepsis, een bloedvergiftiging en langzaam vielen al zijn organen uit. Zijn nieren, zijn lever. Hij werd aan de beademing gelegd. Op dinsdag werden we een nachtje naar huis gestuurd – we sliepen die dag in het familiehuis – en toen we de volgende ochtend terugkwamen bleek Daniël hersendood. In hetzelfde ziekenhuis als waar ik werk overleed mijn zoon.’

Simpel prikje

Meningokken W is een bacterie die veel mensen bij zich dragen zonder daar ziek van te worden, maar een enkeling wordt er doodziek van. Waar dat aan ligt, weet niemand. Het is ontzettend besmettelijk en in 2018 zijn er 18 jongeren aan overleden. Ook wij moesten aan de antibiotica en alle jongeren die mee waren met die introductieweek werden gecheckt. In 2018 zijn alle jongeren na deze sterfgevallen uiteindelijk ingeënt; op de dag van Daniëls uitvaart startte de campagne. Dat was zuur. Een simpel prikje had Daniëls leven kunnen redden.

Zielenwereld

Soms valt het nog niet te bevatten dat hij er niet meer is. Het blijft een nachtmerrie. Vroeger zette ik altijd een mooie boom in december, met pakjes erin zonder namen erop, zodat de kinderen konden gokken welke voor hen waren, maar een boom heb ik al twee jaar niet gezet. Er zijn een paar dingen waar ik steun in vind. Ik geloof niet in een god, maar wel in een zielenwereld. Ik geloof niet dat de energie van een mens zomaar weg kan zijn. Ik kan zo sterk zijn omdat ik ook het gevoel heb dat Daniël nog altijd bij me is. Er zijn ook dingen gebeurd die ik niet kan verklaren. Na zijn overlijden ontdekten we dat zijn nieuwe Daniel Wellington-horloge was blijven stilstaan op het moment dat hij overleed. Toen we het ontdekten – mijn man is het horloge gaan dragen – ging het weer lopen. Bij zijn uitvaart in het PSV-stadion bleef de lift hangen en kwam ik in de persruimte terecht, een plek waar Daniël van droomde om ooit te kunnen werken. Dat soort dingen troost. Hij is er nog, hij heeft alleen zijn jasje uitgedaan. Hij blijft bij me. Wat je in je hart bewaart kan er niet uit.

We hebben een mooie plek voor hem gemaakt bij ons thuis, met zijn persoonlijke spulletjes. Zijn telefoon, zijn wax, zijn schaal – urn vind ik een vreselijk woord. Een knuffel van een bokje die we van zijn vrienden hebben gekregen en bijvoorbeeld een kurk waar een bokje aan vast zit. Met een mooie foto erbij.

Wat me ook troost zijn zijn vrienden. Het is moeilijk om ze ouder te zien worden en te zien veranderen in jonge mannen – dat ga ik van Daniël nooit meemaken – maar ik vind het fijn dat ze nog langskomen en te merken dat hij zo geliefd was. Ze organiseerden dat er tijdens een wedstrijd tussen PSV en Willem 2 een minuut werd geklapt voor Daniël, dat was erg mooi.’

Werk als afleiding

‘Twee weken na het overlijden van Daniël ben ik weer gaan werken. Ik realiseerde me dat ik niet met mijn man op de bank kon blijven zitten, dat gezamenlijke verdriet was te groot. De eerste dag in het ziekenhuis heb ik een samenzijn geregeld waarin iedereen alles tegen me mocht zeggen, daarna heb ik gezegd dat ik op mijn werk niet meer over Daniël wilde praten, anders zou ik het werk niet kunnen doen. Het klinkt misschien gek dat ik zo snel weer ging werken, maar het zorgde voor afleiding. Ik moest en moet door, voor mijn dochter. Ik wil niet dat zij alleen maar een stel verdrietige ouders ziet.’

Meer levensechte verhalen lees je hier.

Ben jij ook iemand verloren en zou je je verhaal willen vertellen in de serie Zonder jou? Stuur dan een mail naar redactie@wendymultimedia.nl