fbpx

Binnenkijken bij Liesbeth en Violet van POM Amsterdam

Ja, het bestaat: Liesbeth Zu Castell Rüdenhausen – Lotgering, samen met haar zus Violet eigenaar en bedenker van het succesvolle modemerk POM Amsterdam, woont op een heus kasteel. De nieuwe wintercollectie van POM werd bedacht in de oude bibliotheek van kasteel Twickel.

Het zou een mooi begin van een filmscenario zijn: Liesbeth, twintiger en student in Amsterdam, wordt verliefd op de jonge graaf Roderik. De graaf heeft een achternaam die past bij een kasteel dat eeuwen in het bezit was van zijn familie: Zu Castell Rüdenhausen. Als de vader van de jonge Roderik op 57-jarige leeftijd onverwacht overlijdt, krijgt Roderik de kans om op het kasteel te gaan wonen. Net dertig is Liesbeth als ze samen met hem kasteel Twickel in Ambt Delden in Twente betrekt.

Grootste landgoed van Nederland

Inmiddels is het vijf jaar, een huwelijk en twee kinderen later en is dit verhaal geen sprookje of filmscenario, maar het echte levensverhaal van Liesbeth (35), die samen met haar zus Violet (42) bedenker en eigenaar is van het succesvolle modemerk POM Amsterdam. Sinds dit voorjaar ook bekend van Katja Schuurman, met wie de zussen deze zomer voor het eerst samen een collectie maakten. Het is op een woensdagmiddag dat we ons melden op het kasteel. Eerst rijden we een paar kilometer over een onverharde weg door de landerijen en bossen die bij het kasteel horen – Stichting Twickel is met 6000 hectare grond het grootste particuliere landgoed van Nederland. Een smeedijzeren privépoort biedt toegang tot het deel van het kasteel waar Liesbeth en haar gezin wonen, in de zuidvleugel. Eigenaren van Twickel zijn Liesbeth en haar man niet: barones Van Heeckeren-Wassenaer, die het kasteel bewoonde, bracht het in 1953 onder in een stichting en vroeg aan haar geliefde achterneef, de Duitse grootvader van Roderik, of deze niet een zoon had om het te bewonen. Sinds 1982 woonde Roderik er met zijn ouders en broer en zus, en nu vormt hij met Liesbeth en hun kleine jongens de nieuwe generatie bewoners.

Binnenkijker POM

Landmeisje

Liesbeth is zeker geen hoofse dame. ‘We hebben heel erg veel plezier van deze omgeving hier, maar we moeten gewoon serieus werken om onze boterham met pindakaas te verdienen,’ vertelt Liesbeth als we via de ophaalbrug het kasteel betreden. Liesbeth koos er ook bewust voor om samen met haar zus vol voor POM Amsterdam te blijven gaan en bemoeit zich momenteel niet intensief met het beheer van het kasteel. Maar, zegt ze: ‘Natuurlijk realiseer ik me wel elke dag hoe geweldig het is om hier te mogen wonen. Met een eigen modelabel ben ik in Amsterdam een stadsvrouw, maar ik ben ook een echt landmeisje. Hier loop ik het liefste rond in kaplaarzen, wandel ik met onze honden of maak vuurtjes met de jongens. Juist dat tegenwicht is fijn.’

Boys, boys, boys

Zes jongetjes hebben de zussen samen – Violet vier en Liesbeth twee (met een derde op komst). Ze zijn er allemaal, deze woensdagmiddag, en het kasteel is voor de kids een waar speelwalhalla (Liesbeth: ‘Ze zijn nu allemaal nog klein, maar straks zie ik al die jongens hier wel buiten rondrennen en boomhutten maken’). Via een brede houten trap gaan we naar de eerste etage, waar het gezin woont. Aan de lange brede gang liggen verschillende kamers: een grote woonkeuken met daaraan een terras, de woonkamer, de mancave van Roderik (met platenspelers en rijen lp’s, vol jazz, hiphop en house) en de torenkamer. De slaapkamers liggen een verdieping hoger. Het is geen 17de- of 18de-eeuws plaatje: de ruimtes ogen door de kleuren op de muren (zeegroen, kobaltblauw, wijnrood – elke ruimte heeft een andere kleur) en de moderne meubels helemaal van deze tijd.

Welke sfeer wilde je dat het huis zou krijgen?

‘Toen wij hier kwamen wonen, stonden er nog veel oude meubels in het huis. Maar we wilden wel dat het een huis zou worden waar we ons echt thuis voelden; we wilden ook eigentijdse dingen inbrengen. Op de muren zat nog wandbespanning; die hebben we bijna overal eraf gehaald en de muren hebben we een frisse kleur gegeven. De stalen wenteltrap is nieuw, net als de stalen deuren met glas en de moderne keuken met rvs-blad. Mijn man is architect, en veel meubels zijn zelf ontworpen en gemaakt; de keukentafel bijvoorbeeld en de boekenkasten. Elk jaar voor mijn verjaardag krijg ik een nieuw meubel, haha. Het leuke is dat Twickel een houtzagerij heeft voor het eigen Twickelhout: daar maakt Roderik graag meubels van. Toen we hier kwamen wonen, waren we nog redelijk jong en we hadden niet het budget om allerlei designmeubelen te kopen; hiervoor woonden we op vijftig vierkante meter in Amsterdam.’

Het huis is modern, maar wel met veel oude details.

‘We vonden het leuk om daarmee te spelen, ja. De oude eetkamerstoelen heb ik bijvoorbeeld opnieuw laten bekleden. De vloeren zijn ook heel bijzonder: zulke brede delen zijn tegenwoordig zeldzaam en ze zijn gemaakt van Twickel-eikenhout.’ Wat verder opvalt: overal in het huis hangen oude brandkranen en -slangen. Kasteel Twickel heeft een eigen watertoren en omdat men in de vorige eeuw bang was voor brand, zijn er veel blusleidingen. Gelukkig zijn deze noodapparaten wel prachtig vormgegeven, in glimmend koper en keramiek. Ook opvallend: de geweien die aan de muren hangen, met op elk gewei een datum – van de dag dat het hert geschoten werd. Liesbeths man jaagt voor de instandhouding van het wild op het landgoed. Liesbeth: ‘We eten voornamelijk wild of vegetarisch, vlees van de supermarkt koop ik zelden. Een enorme rijkdom vind ik dat.’

Er zijn zo veel kamers in jullie kasteel, wat is je lievelingsplek?

‘Ik zit graag in de torenkamer, de enige kamer in huis die we in de oude stijl hebben gelaten. We vonden het mooi om die sfeer in één kamer te behouden.’ De torenkamer ligt helemaal aan het einde van de gang en je stapt er inderdaad een eeuw terug in de tijd. Op de houten vloer liggen kleurige kleden, de petrol gordijnen met koorden eromheen reiken tot de vloer, er staat een grote bewerkte schouw in de kamer en de prachtige ornamenten in het plafond zijn nog volledig intact. Liesbeth: ‘Doordat we hier de wandbespanning hebben laten zitten, wordt het geluid gedempt en is het hier altijd stil. Daarbij heb je vanuit de torenkamer een prachtig uitzicht over de rest van kasteel Twickel en de omliggende tuinen.’

Vriendjes van de kinderen staan zeker in de rij om bij jullie te komen spelen…

‘Ze zijn nu nog in de crècheleeftijd, dus ze spelen nog niet zo met andere kinderen thuis, maar straks is het natuurlijk de ideale speelplek, ja. In de laan wonen nog meer gezinnen met kleine kinderen. Dat maakt het vaak een gezellige bende. Ik vind het sowieso belangrijk dat iedereen zich hier welkom voelt. We organiseren regelmatig feestjes en barbecues, en ik vind het leuk om onze vrienden uit de Randstad te verbinden met vrienden uit de omgeving. De grootste voldoening haal ik eruit als mensen zeggen dat het hier zo relaxed is. Onze gasten en kinderen voelen zich hier altijd snel thuis.’

Lees het hele interview nu in WENDY magazine.

Cover WENDY 29

(Visited 626 times, 1 visits today)

MEEST VIEWED

Blije momenten met onze
wekelijkse nieuwsbrief