fbpx

Fien Vermeulen over haar rebellerende puber fase

Hoe verschillend elk kind ook is, pubers doen in de basis allemaal hetzelfde. En daar word je als ouder soms gek van. Zo ook de ouders van Fien, want zij ging pas echt door een rebellerende fase. Nu blikt ze even terug op deze tijd als ze aan de telefoon aan het kletsen is met haar moeder. “Ik schaam me dood, mam. Ben je niet boos op me geweest?” Ze is even stil. “Alles gaat voorbij, Mitafientje. Alleen het houden van niet.”

“Die huisfeestjes… Ik wilde bijna de buurvrouw op haar vakantie bellen om te zeggen dat ze haar dochters tot orde moet roepen.” Mama heeft een slechte week gehad. Papa en zij zien al even helemaal niemand meer, omdat ze zo ziek is en ze geen risico willen nemen. Het gevolg is natuurlijk de fixatie op alles dat zich in en om het huis afspeelt. Zoals de puberdochters van de buren die alleen thuis mochten blijven terwijl hun ouders een weekje weg zijn. Die meiden nemen het ervan, zoals te verwachten is van een stel vijftien-, zestienjarigen die het rijk alleen hebben. “Weet je nog dat ik niet meer met jullie op vakantie wilde, toen ik veertien was? En dat je toen nog de buren hebt gevraagd of zij dan maar op me wilden passen?” Dat weet ze nog. “We zijn uiteindelijk drie jaar niet op vakantie geweest, omdat jij niks meer wilde en wij je niet alleen thuis durfden te laten zo lang.”

Puberen

Het zette me aan het denken over hoe ik zelf was als puber. Ik schaam me eigenlijk in veel gevallen dood als ik eraan terugdenk. Ik was rebels. Een asociale schreeuwer. Dat over-emotionele ‘JIJ-BENT-NIET-DE-BAAS-OVER-MIJ!’ kind, dat dacht dat ze een volwaardige volwassene was en zelf de beste keuzes maakte. Zoals op mijn vijftiende ‘logeren’ bij een vriendinnetje en dan samen stiekem naar Club Escape in Amsterdam gaan en om half zeven ’s ochtends thuiskomen. Teruggelift met onbekende dronken mannen van een jaar of 20. Dat heeft mama nooit geweten hoor. Achteraf gezien, kon ze het vast wel raden. Toentertijd vond ik het vooral gek dat ze schreeuwend uit het raam hing en riep waar ik in godsnaam geweest was. BIJ KIMBERLY DAT ZEI IK TOCH. Dom, dom meisje. Waarom bleef je dan niet op zijn minst tot 11 uur weg, zodat het in ieder geval nog plausibel was? Welk logeerpartijtje eindigt er nou rond 6 uur ‘s ochtends?

Ik kan me ook nog een incident herinneren met paardrijden. Jarenlang had ik gezeurd om een pony en toen ze er eindelijk kwam, was ik zo blij. Enig punt ter discussie waren de witte rijbroeken bij de wedstrijden. Van mama moest ik daar een boxer of in ieder geval een onderbroekje onder aantrekken, omdat een string doorscheen. Mijn beste vriendin Whitley en ik deden de pony’s altijd samen en elke keer als ze deze momenten nadoet staat het schaamrood weer op mijn kaken. Dan zet ze haar handen in haar zij, zoals ik dan deed boven aan de trap en roept ze: “Luister jij eens even HANNEKE, ik doe wat ik zelf wil want het is MIJN lichaam.” Niet te spreken over het spijbelen, het blowen, de vreemde vriendjes. Ik denk dat mijn moeder de haren uit haar hoofd heeft getrokken met mij als puber.

“Maar met Fien is ook alles goed gekomen”

Toen mijn neefje een paar jaar later diezelfde rebellerende fase doorging, maar ook nog afgleed van het gymnasium naar de havo en een gameverslaving ontwikkelde, hoorde ik mijn tante een keer tegen mijn moeder zeggen: “Maar met Fien is ook alles goed gekomen”. Ik was ergens in de 20, woonde op mezelf, had mijn bachelor van de Universiteit van Amsterdam op zak met een 8 gemiddeld, een stage gelopen in het buitenland en was keihard aan het werk voor mijn droom, maar die opmerking stak me zo. Het was het eerste moment dat indaalde dat mama gelijk had toen ze ooit één keer uit haar slof schoot en me een trut noemde. Bij mijn vader durfde ik het niet. Maar tegen haar, ik was grenzeloos.

Houden van

Nu hoor ik haar aan de lijn en is ze zwak en toch zo blij dat ik even kan kletsen. Er gaat een golf van berouw door me heen. Een misselijkmakend gevoel. Stel nou dat ik haar kwijtraak en dat ze dan wegvalt met het idee hoe naar ik tegen haar geweest ben? Ik snap nu pas dat er gezegd wordt dat pubers de consequenties van hun gedrag nog niet kunnen overzien. Ik begreep het gewoon niet, dat wat ik deed en wat ik zei anderen pijn deed en dat ik mezelf er meerdere keren mee in gevaar heb gebracht. Ik kan er om huilen, zo erg vind ik het, weet je dat? Terwijl ik haar bel, ligt ze in bed. Overmorgen weer een chemo. “Ik schaam me dood, mam. Ben je niet boos op me geweest?” Ze is even stil. “Alles gaat voorbij, Mitafientje. Alleen het houden van niet.”

Mijn mama. Ik vertel het haar niet, maar ze weet wel dat ik ’s avonds vaak moet huilen, van het idee dat ik weet dat er een dag komt dat ze er niet meer is. Ik weet ook wat ze zou zeggen als ik haar dat vertel en juist daarom wil ik het niet zeggen. Je kan het wel zonder mij, daar hoef je niet aan te twijfelen.

Qmusic radiopresentatrice Fien Vermeulen overleefde lymfklierkanker en wil mensen nu inspireren op het gebied van gezondheid, geluk en survivallen. In september verschijnt het boek van Fien: Het Regent Zonnestralen.

Meer mooie verhalen van Fien lees je hier.

Volg ook het inspirerende Instagramaccount van Fien:

(Visited 803 times, 1 visits today)






MEEST VIEWED

Blije momenten met onze
wekelijkse nieuwsbrief