fbpx

Ilse over haar strijd om zwanger te raken

Het krijgen van kinderen is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Een vruchtbaarheidstraject kan een dagelijks gevecht zijn met spuiten, timers voor de beste kans op een bevruchting en veel onzekerheid. Een moeilijk onderwerp, waar nog steeds een taboe op heerst. Iets wat je raakt in het vrouw zijn. Toch is 1 op de 32 kinderen op de wereld gekomen door middel van IVF. Ilse Ruijters,  auteur van het boek ‘Vruchtbaar’, deed er zelf acht jaar over om zwanger te raken. Ze deelt haar verhaal over haar strijd om zwanger te raken.

‘In een vruchtbaarheidstraject moet je zó veel. Van de dokter moet je hormonen spuiten, van je omgeving moet je “het” loslaten en van jezelf moet je niet zo zeuren. Laten we vooral minder moeten.’

De ontmoeting

‘Ik heb het boek ‘Vruchtbaar‘ geschreven om verschillende personen over dit onderwerp hun verhaal te laten vertellen.Vaak lees je verhalen over een vruchtbaarheidstraject vanuit een oogpunt. Iedereen die dit proces meemaakt, maakt het weer op een andere manier mee, dus het leek mij goed om die verschillende kanten te belichten. Voor de een is het de hel en de ander vindt het weer heel mooi en geniet er echt van. Zelf heb ik ook zo’n traject ondergaan. Met mijn toenmalige man heb ik het vier jaar geprobeerd. Het lukte niet. De relatie ging uit en daarna was ik een tijdje vrijgezel. Toen ontmoette ik mijn huidige man, Bas. Hij had hiervoor een andere relatie gehad en ook in die relatie lukte het niet om kinderen te krijgen. Wij wilden allebei heel graag vader en moeder worden, dus binnen een half jaar gingen we naar de dokter.’

Het vruchtbaarheidstraject

‘Ik wilde zo graag een kind, maar toch wilde ik het vruchtbaarheidstraject niet in gaan. Het voelde voor mij namelijk als toegeven dat er iets aan jezelf schort. Zwanger worden hoort toch iets romantisch te zijn, samen met z’n tweeën in een bed? Niet  ziekenhuis in, ziekenhuis uit, dagelijks hormonen spuiten, een wekkertje zetten voor het moment om seks te hebben… Toch is het nooit gek geweest toen we aan het traject begonnen. We probeerden eerst zwanger te raken door IUI. Dit hebben we zes keer geprobeerd, maar dat werkte niet. Toen stapten we over op IVF, waarbij eicellen uit je lichaam worden gehaald en buiten het lichaam worden samengebracht met de zaadcellen van de man. Bij de eerste poging ontstonden vier embryo’s, waarvan er twee in mijn baarmoeder werden teruggeplaatst en de andere twee werden ingevroren. Ik werd kort daarna weer ongesteld, wat betekent dat de embryo’s zich niet goed in mijn baarmoeder hadden ingenesteld. De tweede keer ontstonden er zes embryo’s, waarvan er een ‘vers’ teruggeplaatst werd in mijn baarmoeder en de overige embryo’s gingen de vriezer in. Uit dat embryo is onze dochter ontstaan.’

Probeer er maar eens lucht in te houden

‘Het is lastig om de lucht in zo’n traject te houden, maar toch probeerden we er samen zo optimaal doorheen te komen. We maakten er maar een soort uitje van door elke keer als we in het ziekenhuis waren een lekkere gevulde koek in de kantine te eten. Dit traject heeft mij en Bas dichter bij elkaar gebracht. Het is een heel ingrijpende gebeurtenis, maar tegelijkertijd ook iets heel moois. Je doet het echt samen. Ik weet nog heel goed dat ik voor het eerst de hormoonspuit in mijn lichaam moest zetten. Ik vond het super eng, dus Bas deed het. Na drie dagen was hij weg voor zijn werk, dus moest ik het zelf doen. In het begin was het zo eng, maar dat zakte snel weg.’

Laat het los

‘Als je zo’n traject ingaat ben je natuurlijk erg bezig met zwanger worden. Wat je veel om je heen hoort, is: “Laat het los”. Het moeten loslaten en het ontspannen staat natuurlijk haaks op elkaar. Als het mogelijk was om het los te laten, had iedereen het gedaan. Maar omdat je er elke dag ook echt fysiek mee bezig bent, door die hormoonspuiten bijvoorbeeld, denk je er ook elke dag aan.’

Het dieptepunt

‘Het dieptepunt van het traject was op het moment dat ik een schrijftraining had in Maastricht. Bas had een feestje in Utrecht. Toen ik klaar was, reed ik naar ons huis in Almere. Eenmaal thuis kwam ik erachter dat ik op dat moment vruchtbaar was, want ik had mijn eisprong. Ik moest dus zijn zaad hebben, maar hij was op een feestje. Op dat moment gaat er maar één ding door je hoofd en dat is dat het moet, want anders ben je weer te laat. Ik ben naar Utrecht toegereden om hem op te halen. Thuis hebben wij seks gehad en daarna heb ik hem weer teruggebracht naar het feestje. Je hebt eigenlijk verplicht seks en dat maakt je seksleven er echt niet leuker op.’

De andere embryo’s

‘Ik denk regelmatig aan de andere embryo’s die nog in de vriezer liggen. Wat zal ik daar meedoen? Zal ik ze doneren aan de wetenschap? Nog een keer dit traject doorgaan om een broertje of zusje op de wereld te brengen? Het is heel moeilijk en ik ben er nog niet uit.’

Het boek

‘De rode draad van het boek is dat iedereen die zo’n traject ondergaat, moet proberen om heel erg bij zichzelf te blijven. Doe wat goed voelt voor jou. Als het op een gegeven moment genoeg is, sla dan een halfjaar over. Of stop het traject. Dat is misschien nog wel een groter taboe. Het stoppen van een traject voelt misschien als opgeven, maar als jij er zelf aan onderdoor gaat of je relatie wordt er ziek van, dan is dat misschien wel de beste keuze. Het boek geeft een veelzijdig inzicht in het hele vruchtbaarheidstraject met zowel de medische kanten, als de emotionele kanten van ervaringsdeskundigen.’

zwanger raken

Meer power stories lezen? Klik hier!

Anouk (24) verloor haar vader aan kanker: ‘Het was mensonterend’

De 24-jarige Anouk weet nog precies die ene dag voor zich te halen. Haar vader bleek ongeneeslijk ziek te zijn. Met een kort ziekbed is haar held ineens uit haar leven verdwenen. Ter nagedachtenis aan haar vader en om iets te betekenen voor andere patiënten, doet Anouk vandaag mee aan de Alpe d’HuZes. Ze vertelt haar verhaal en neemt je mee in haar avontuur.

Die ene dag

‘4 november 2016, de dag dat het leven stil stond. We konden het niet geloven, de woorden kwamen niet binnen. Maar op dat moment kregen wij te horen: “Meneer u heeft prostaatkanker met uitzaaiingen.” Het woord ongeneeslijk hadden wij toen nog niet gehoord. We hadden nog goede hoop, totdat nader onderzoek gedaan werd. Hieruit bleek dat de kanker overal zat.’

Kop omhoog en doorgaan

‘Tijdens het gesprek dat daarop volgde, kregen wij te horen dat mijn vader ongeneeslijk ziek werd verklaard. Het enige wat er nog gedaan kon worden, was de kanker remmen door middel van chemotherapie en bestralingen. Als ik daar nu op terugkijk, vraag ik me wel eens af of we dat allemaal wel hadden moeten doen. Maar op dat moment wil je alles proberen om nog zo lang mogelijk in leven te blijven, terwijl je eigenlijk al weet dat je toch niet meer beter wordt. Kop omhoog en doorgaan, dat waren de woorden van mijn vader. Tot aan het einde is hij altijd zo strijdlustig en positief geweest. Hij heeft nog genoten van de allerkleinste dingen.’

Anouk en haar vader

Verlost

‘De strijd tegen de kanker heeft drie maanden geduurd. Op 5 februari is mijn vader overleden. Eindelijk uit zijn lijden verlost. Het had niet langer moeten duren, want wat de kanker met hem deed, was mensonterend. Wij hadden mijn vader natuurlijk nog liever veel langer bij ons gehad dan 22 jaar. Maar we hadden hem niet langer willen zien strijden tegen deze rotziekte.’

Humor, liefde en een luisterend oor

‘Voor mij en mijn broer was onze vader een man die alles over had voor zijn kinderen. Wij hoefden hem maar te bellen of hij kwam er al aan. Ook had hij een groot gevoel voor humor, hij wist je altijd aan het lachen te maken. Een luisterend oor en heel veel liefde is wat hij ons ook gegeven heeft. De dagen zijn nu nooit meer als toen. Er is een grote stilte gevallen. Feestdagen, verjaardagen, feestjes, het zal nooit meer zo zijn als voorheen. Ik zie nu al op tegen alle mooie momenten die gaan komen in mijn leven, waar ik hem dan moet missen.’

Alpe D’HuZes

‘Om op deze leeftijd al een ouder te moeten verliezen door die vreselijke ziekte gaat je niet in de koude kleren zitten. Daarentegen probeer ik altijd positief te blijven en te onthouden wat mijn vader altijd zei: “Zorg goed voor jezelf en ga door met leuke dingen doen.” Als het even tegenzit of het is even moeilijk, dan denk ik dat mijn vader had gewild dat ik door zou gaan. Dat geeft mij energie om dat ook echt te doen. Voor hem, maar ook voor alle andere mensen die strijden tegen kanker, wil ik mij inzetten voor het KWF. Vandaag ga ik de Alpe D’HuZes beklimmen, ter nagedachtenis aan mijn vader. Alle donaties gaan direct naar het KWF. Ik wil zo veel mogelijk geld inzamelen om ervoor te zorgen dat er in de toekomst niemand meer overlijdt aan kanker. Dat er niemand meer een dierbare moet missen. Dat niemand meer die pijn heeft en te jong overlijdt. Alle donaties zijn welkom, ik zou jullie daar enorm dankbaar voor zijn.’

Anouk

Wendy Wagenaar: ‘Ik kan dit overwinnen, ook al zeggen de statistieken van niet’

Wendy Wagenaar is een levenslustige moeder. Ze is ziek, maar ze voelt: ‘Ik kan dit overwinnen, ook al zeggen de statistieken van niet.’  Wij zijn samen met Wendy een crowdfundingcampagne begonnen en hebben al ruim €5.000 van de €25.000 opgehaald. We zijn er nog niet, dus we hebben jouw hulp nog hard nodig! Lees hier haar ongekend moedige verhaal, waarin de kanker en de hoop elkaar steeds weer inhalen.

Dit is het verhaal van Wendy Wagenaar. Ze is net 41 geworden en in alles jong van geest en hart. Ze is een stralende moeder, van een zoon van bijna tien en twee dochters van zeven en vier. Ze heeft een grote liefde, Bowe, die al sinds mensenheugenis bij haar is. Zo’n man die voor, naast, achter haar staat. Wendy houdt van het leven. Maar ze is ook ziek. Ze is die uitzondering waarbij twee primaire tumoren van kanker tegelijkertijd opdoemden.

Daar zit ze, in Groningen. Tranen stromen rijkelijk, tot twee keer toe. Ze schudt haar hoofd, ze accepteert het. Dit verdriet hoort er ook bij. Het valt niet mee, de rollercoaster van de laatste tien jaar te herbeleven. Maar hé, zielig, zij? Slachtoffer, zij? Daarvoor is Wendy veel te stoer, veel te strijdvaardig. Haar ogen vertellen precies hetzelfde verhaal als de woordenstroom die aan haar lippen ontsnapt. Het vuur is nog lang niet gedoofd. Ze gelooft erin. Met een mooie glimlach had ze verteld over vroeger. Hoe ze tot haar 31ste dacht dat ze onaantastbaar was, hoe ze het leven vol had omhelsd en samen met jeugdliefde Bowe alles aankon. Gestudeerd had ze, gewerkt had ze, geleefd had ze, vrienden bij de vleet en wie maakte haar wat. Ze was, wat je noemt, een heel gelukkig mens. Zei ze nu ‘was’? Ze herstelt het krachtig: in haar hoofd is ze dat nog altijd. Heel gelukkig.

Maar de onheilstijding was heftig geweest. Die kwam ruim tien jaar geleden, ze was net drie maanden zwanger van een zoon, hun eerste kind. Paniek in de familie: er bleek een erfelijk gen rond te waren dat een verhoogd risico op eierstokkanker en borstkanker veroorzaakte. Iedereen werd getest. Oma van 86 bleek het te hebben, vader bleek het te hebben, haar zus bleek het te hebben en ook Wendy bleek het gen te dragen. De zonovergoten blauwe lucht was in één klap vol donderwolken. En dat terwijl het gevoel van onsterfelijkheid haar altijd zo eigen was geweest. Oma was toch ook al 86, dat was het voorbeeld, het houvast. Maar toen vader in 2010 ziek werd, was hij zo snel overleden. Hij was pas 62 en de kanker zat overal. Dan wankelt alles, ga je compleet anders in het levenstaan.

Bizarre dilemma’s

Het werden jaren van uitersten. Groot verdriet om haar vader, groot geluk door de geboorte van hun zoon en dochters. Voortdurend moesten ze leven met bizarre dilemma’s. Eierstokken preventief laten weghalen of moeder worden van nummer drie? Ze dacht: ik word gecontroleerd, het gaat toch goed zo. Maar nu beseft ze: ‘Controles sporen iets op, ze voorkomen niks.’

In 2013 kwam een nieuwe schok. Haar zus had een aantal jaar eerder haar eierstokken moeten laten verwijderen vanwege goedaardige en kwaadaardige tumoren. Nu zagen ze iets op haar longen. Het was opnieuw kanker, maar of het een uitzaaiing van de eerdere kanker was bleef een raadsel. Ze haalden een stuk long weg en tot overmaat van ramp kreeg haar zus er vier dagen later een licht herseninfarct overheen. Ze werd afgekeurd voor haar werk, maar herstelde van de kanker. Inmiddels is ze 43 en in goede gezondheid. Wendy’s ogen waren geopend. De ziekte van haar zus was de boodschap: actie ondernemen. In 2014 zou ook zij haar eierstokken laten weghalen. Een laatste controle nog. En toen zeiden ze: ‘Niet schrikken, we zien iets.’ Het bleek een kindje. Hun derde. Totaal onverwacht zwanger. De wereld stond op zijn kop, ze hoorde het de arts zeggen: ‘Wendy, je bent 36, geniet van je wonder, we zien je over een jaar.’ Ze dacht: zó zal het gaan. Als mijn dochter is geboren, is het klaar, eierstokken eruit en niet later hoeven zeggen: had ik maar…

Foute boel

Ruim een jaar later, 25 mei 2016. Ze zou geopereerd worden, maar plots kwam er iets tussendoor: in haar ziekenhuis deden ze mee aan een onderzoek, waardoor vrouwen niet direct in de overgang zouden komen. Of Wendy wilde meedoen. Uitvoerig werd ze gecheckt, de operatie werd uitgesteld naar 27 oktober van dat jaar. Niemand zei: ‘Je hebt haast.’ Die zomer haalde de kanker haar in. Op vakantie in Frankrijk had ze het gevoeld. Een knobbel in haar borst.Was niets natuurlijk; het kon er bij haar niet in dat het foute boel was, ze had twee weken voordat ze op vakantie ging nog een mammografie gehad. Die enorme buikpijn die ze had, kwam vast van te veel wijn en te veel gebarbecued. Bowe was alerter, zei: ‘Toch laten checken, Wen.’

Het was helemaal mis. Borstkanker. Een nieuwe scan volgde. Drie weken later het ongelofelijke bericht: ook eierstokkanker. Twéé primaire tumoren, een zeldzaamheid. De eierstokkanker had prioriteit, dat werd operatie één. De eierstokken gingen eruit, tumoren gingen eruit. Het was veel erger dan in eerste instantie werd gedacht. Aan de borstkanker wilden de artsen nog niet eens beginnen, eerst maar eens de chemo, maar Wendy wist het al: ze wilde nooit meer ziek worden, ze zou voor een dubbele amputatie gaan wanneer dat mocht. De borsttumor werd in maart 2017 verwijderd, een dubbele amputatie mocht nog niet. Daarna kwam er een bijna onwerkelijke rust. De woedende orkaan leek even te zijn gaan liggen. Ze kon weer leven, ze krabbelde op, ze ging zelfs weer werken en iedereen was enthousiast. Veertien maanden lang vulde het leven zich als vanouds met kindervreugde, liefde en plezier.

Grenzeloze dankbaarheid

April 2018. Wenkbrauwen fronsten in het ziekenhuis. De dubbele amputatie stond gepland, maar haar tumormarker gaf een cijfer te zien dat paste in haar voorgeschiedenis. De boodschap was onbehaaglijk: ‘Het is waarschijnlijk terug.’ De operatie werd geannuleerd en een CT-scan later was het duidelijk: uitzaaiingen van de eierstokkanker in haar lymfeklieren. De daaropvolgende PET- scan: ook een uitzaaiing in de lever.

Ze wilde nog geen chemo, chemo maakte haar niet beter, dat was haar in het ziekenhuis verteld. Wendy besloot te wachten. Maar er was geen ontsnappen aan. In haar hoofd stormde het. Er was haar weleens uitgelegd hoe de zaken ervoor stonden, dat zij een uniek geval was met haar twee primaire tumoren, dat ze daardoor geen goed onderzoeksproject was voor nieuwe ontwikkelingen op het gebied van kanker. Het sterkte Wendy’s drive op zoek te gaan naar andere mogelijkheden. Ze verdiepte zich als de allerbeste onder- zoeksjournalist zó in alles, dat ze steeds meer tegenkwam. Verhalen van moed, verhalen vol mogelijkheden, ze begon te beseffen als nuchtere noorderling: alle feiten ten spijt, wonderen bestaan. Haar zus zei ook: niet opgeven. Die zocht hartstochtelijk mee. Ze kwamen uit op immuuntherapie, waarvoor je naar het buitenland moet, iets wat veel geld kost. Tot op de bodem zocht ze het uit. Ging samen met Bowe in één dag op en neer naar Keulen, voor een gesprek. Ze kreeg goede hoop. Wendy besloot ‘Grenzeloos genezen’ op te richten en via een crowdfunding hoopte ze het geld bij elkaar te krijgen om die therapie te kunnen betalen. Dat werd een enorm succes. Grenzeloze dankbaarheid en nieuwe hoop dansten vurig in haar hoofd.

Hoop doet leven?

Wendy ging naar Keulen en weer was er die gedachte aan oma. Die was uiteindelijk 89 geworden, blijkbaar hadden haar immuunsoldaatjes goed gewerkt. Ze dacht ook aan de rouw om haar vader, de stress, het hectische leven van een jong gezin, zij had een trigger gehad die misschien wel de oorzaak van de ellende was geweest. Als ze nou via die therapie voor een ijzeren gestel zou kunnen zorgen? Wie weet! De therapie in Keulen ging in ieder geval goed, alleen, soms gaat het hard. Kanker is onvoorspelbaar. Een vervolg op de therapie was nodig. Maar het ging ook hard met dat geld,

en ze heeft geen geldboom, geen miljoenen op de bank. In haar crowdfunding had ze geen rekening gehouden met een mogelijk vervolg. Een nieuwe behandeling zou een nieuwe stroom aan do- naties moeten betekenen en dat vindt ze juist zo moeilijk, om daar dan weer om te vragen. Terwijl iedereen zegt: houd die lijnen open, je bent het waard! En zo is het wel, natuurlijk. Ze wil niet dood. Ze zal leven!

Steeds weer. Die gruwelijke race tegen de klok. Hoop versus kan- ker. Soms haalt de hoop de kanker in, soms de kanker de hoop. In februari van dit jaar vonden ze een groeiende tumor. Op een plek die haar te veel pijn gaf. Toen kon ze haar munitie niet langer uit- stellen; de eerste chemokuur werd ingezet. Deze had ze zo graag willen bewaren voor de verlenging van haar leven. Aan de andere kant ontdekte ze Joe Dispenza, de neurowetenschapper die bestsellers als Becoming Supernatural schreef. Ze ging in maart een week naar sessies met hem in Bonn, samen met haar zus die had gezegd: ‘Lees hem, je kunt je beter denken!’ Beetje zweverig, had ze gedacht, maar omdat haar tumoren niet volledig weg waren door de immuuntherapie, dacht ze ook: wat heb ik te verliezen? Was ze niet te veel alleen bezig met haar lichaam en te weinig met haar geest? Het werd een enerverende tijd, fascinerend, Joe Dispenza leerde haar te leven in de toekomst, dankbaarheid te omarmen.

Ze had best moeite met al die materie en toch voelde ze: het klopt wat hij zegt. Het wonder nadien: haar tumormarker was onverklaarbaar sterk gedaald. Was het de eerste chemokuur, was het de immuuntherapie, was het de week bij Joe? Ze leest Radicale remissie van Kelly A. Turner nog een keer. Over negen speerpunten die een groot verschil kunnen maken bij het tegen alle verwachtingen in overleven van kanker. Zeven van de negen speerpunten gaan over de mentale gezondheid van de persoon. Hoop, hoop, hoop. Hoop doet leven?

Harder genieten

Rode draad bij alles wat ze vindt: de cruciale rol van de wil om te leven. De mindset. De kracht. Ze durft er niet helemaal op te gokken, ze vraagt het zich af: kan ze genezen door haar wil? Er is sowieso méér dan de kanker alleen lichamelijk te bestrijden, daar is ze inmiddels wel van overtuigd. Maar ze durft haar leven er nog niet op te zetten. Dus wat is nu haar plan? Ze wil verder met immuuntherapie. Haar lichaam helpen sterk te worden om de kanker te kunnen overwinnen.

Ze wil er over twintig jaar nog zo graag zijn en zeggen: ‘Zie je wel, het is mogelijk!’ Dan zal ze er een boek over schrijven. Maar dan heeft ze wel meer geld nodig. Voor een vervolg van immuuntherapie. Ze heeft haast. De meeste mensen met haar ziektebeeld overlijden binnen vijf jaar en ze is al bijna drie jaar onderweg. Haar innerlijke stem zegt: het kan toch niet zo zijn dat ik een operatie heb uitgesteld, kinderen heb gekregen en dat mijn man het straks alleen moet doen? Die stem zegt met kracht: ik kan dit overwinnen, al zeggen de statistieken van niet. Haar gevoel zegt: ik blijf. De kinderen vragen weleens: ‘Mama, ga je dood?’ Dan zegt ze: ‘Beloven kan ik niks, maar ik ben het niet van plan.’ Haar gevoel zegt dat het goed komt, maar ze heeft net iets te vaak de schijn tegen.

De tijd als vijand, de tijd als vriend. Ze ontdekken steeds meer, straks zal immuuntherapie ook in Nederland normaal en betaalbaar zijn. Ze probeert te visualiseren dat haar kinderen de genen van haar man hebben, het zal hen zo veel keuzes schelen. Ze gunt hen zó dat ze haar onbezorgde jeugd beleven, waarin iedereen nog gewoon gezond was.

Ze hadden toen nog geen besef van het feestje dat gezond-zijn is. Nu ze ziek is, leeft ze veel bewuster, denkt ze veel meer na over wie ze wil zijn, wat ze belangrijk vindt. Haar zintuigen zijn volop aan het werk. Ze kan veel harder genieten, tegelijk is er ook een veel grotere paniek.

De zoektocht gaat door

Maar, zoals gezegd, soms haalt de hoop alles in. April 2019. Na haar tweede chemokuur zijn haar tumormarkers alweer binnen de normaalwaarde. Het wordt bestempeld als uitzonderlijk. Als verrassing stelt haar oncoloog voor te stoppen, vanwege deze uitzonderlijkheid. Haar geplande vier chemokuren mogen in de ijskast. Voor later? En weer die vraag: wát heeft voor die daling gezorgd? Ze denkt weer aan oma. Hoe haar immuunsysteem waarschijnlijk zeer goed gewerkt heeft. Ze wil werken aan haar immuunsysteem. Na het zien van het EO-programma Je geld of je leven, een lotgenote ook haar vervolg van immuuntherapie kon inzetten, zette ze de lijnen voor donaties in december 2018 weer open. De helft van het geld voor de behandeling heeft ze hierdoor al binnen. Nu de andere helft nog.

Want já, we kunnen haar allemaal helpen. Door te doneren. Maar ook door niet stil te zijn. Ze hoopt vurig op ideeën, reacties, inzichten, nieuwe ontwikkelingen. Ze hoopt dat de mensen denken: wat een mooi verhaal, laten we haar helpen, laten we het op grenzeloosgenezen.nl blijven volgen, de blogs op wendyonline.nl blijven lezen. Sneu wil ze niet zijn, ‘oneerlijk’ wil ze niet horen, de kreet ‘Wendy’s laatste kans’ vindt ze niks. Het enige wat er is: dat de kinderen later denken dat mama er echt alles aan heeft gedaan. Dat mama wist dat het leven onbetaalbaar is. Dat ze dacht: als het in Keulen niet werkt, dan is mijn hoop weg. Maar toen kwamen er nieuwe inzichten, toen kwam Joe Dispenza en zo blijven er strohalmen van hoop komen. De zoektocht gaat door. Zij gaat door. Wendy gelooft erin.

doneer

Mannen meer behoefte aan hulp bij inparkeren dan vrouwen

De technische snufjes van tegenwoordig maken het autorijden niet alleen veiliger maar ook een stuk gemakkelijker. Neem nou de parkeersensoren. Wat moeten we zonder?! Vooral mannen hebben deze uitvinding hard nodig… Dat blijkt uit onderzoek van online verzekeraar Allsecur die onderzoek heeft gedaan naar welke slimme functies het meest gewaardeerd worden door Nederlandse automobilisten.

Mannen meer afhankelijk van parkeerhulp dan vrouwen

Mannen denken wel dat ze goed kunnen rijden en parkeren (met hulp misschien), maar wij vrouwen zijn natuurlijk nummer één inparkeerwonders. Parkeersensoren blijken namelijk veruit de meest populaire functie in de auto. Het zijn vooral de mannen die niet zonder kunnen… 30 procent van de mannen zegt parkeersensoren een must te vinden, tegen slechts 18 procent van de vrouwen. Blijkbaar hebben mannen meer behoefte aan een parkeerhulp dan vrouwen.

mannen auto

Favorieten

Naast de dagelijkse assistentie bij het inparkeren vinden Nederlandse automobilisten nog een paar hulpjes onmisbaar onderweg. Hieronder staat de top vijf van favoriete slimme systemen in de auto:

  1. Parkeersensoren (24%)
  2. Automatisch noodremsysteem (15%)
  3. Parkeercamera (12%)
  4. Adaptive Cruise Control (11%)
  5. Lane Departure Warning System (8%)

Veiligheid voorop

Ook is er bij dit onderzoek gevraagd naar technische snufjes die Nederlanders het meest veilig vinden. Bij ruim de helft van de Nederlanders (52%) staat een automatisch noodremsysteem, dat waarschuwt of remt wanneer een aanrijding dreigt, op nummer één. Parkeersensoren staan met 14 procent op de tweede plaats, gevolgd door Adaptive Cruise Control met 12 procent. Dit is een systeem dat de snelheid automatisch aanpast aan de voorganger. Maar, ja… Dat hebben wij vrouwen eigenlijk niet nodig.