Fiets mee met Wendy en Leontien op zondag 17 juli 2022 in Rotterdam.

FIETS MEE

Column. Chimène van Oosterhout legt uit waarom ze altijd op foute mannen valt en daarom nu liever alleen is

De foute man

De laatste tijd horen we niet anders in de media : FOUTE MANNEN.
De wereld zit er kennelijk vol mee. De media staan er bol van. We hebben het #metoo tijdperk ingeluid en blussen heel wat brandjes in verband met ongewenste intimiteiten bij verschillende (grote) televisie-shows, of in de sportwereld, of in de politiek. Het is verbazingwekkend en schrikbarend hoeveel vrouwen (en soms ook mannen), hiermee te maken hebben blijkt nu.

Hoe kan het, zo zou je denken, anno 2022. Helaas kan dit nog.
Als ik nu dichter bij huis kijk, bij mezelf dus, dan blijkt dat ik zelf ook aardig wat steekjes heb laten vallen op het gebied van de foute man. Om het maar gewoon heel eerlijk te stellen: ik viel altijd op de “foute” man. Voor zover er al een definitie van die “foute” man bestaat. In mijn geval is het de “narcist” of de man met “narcistische persoonlijkheidstrekken”. Nu wordt er tegenwoordig al vrij snel met deze term gesmeten, en dat is natuurlijk behoorlijk stigmatiserend, dus steek ik graag hand in eigen boezem. Wat is voor mij nou zo woest aantrekkelijk aan die “foute, narcistische typerende” man? Wat was het toch dat die antisociale man zoveel aantrekkingskracht op mijn had? Dat is de vraag die ik mezelf inmiddels stel en waardoor ik vooral heel kritisch naar mijzelf in de spiegel kijk en nu geen lachspiegel meer.

Als ik even mag generaliseren: het is de man die niet beschikbaar is, die vooral aan zichzelf denkt, die geen liefde kan geven, maar wel liefde wil krijgen. Hij is egoistisch, heeft een opgeblazen gevoel van eigenwaarde en zucht naar bewondering. Aan de andere kant heeft hij een extreem gevoel van minderwaardigheid en onzekerheid. Hij heeft vaak iets gepresteerd in het leven, oppervlakkig op materieel en financieel niveau dan weliswaar, waardoor hij meestal een hoge functie in de top van de maatschappij bekleedt of een succesvol ondernemer is. Hij is intelligent en heeft vaak een groot sociaal netwerk. Hij heeft weinig empathie, maar verwacht wel van anderen de adoratie. Hij heeft een zucht naar macht, manipuleert met goed gespeelde charme en heeft gebrek aan emoties. Hoe duidelijk kan het zijn: als vrouw moet je dus zeker niet op, en voor, zo’n man vallen. Rennen en er ver weg van blijven is de enige optie. Echter, ik viel wel op deze soort man en rende niet, of te laat, weg. Met de nadruk op viel, gelukkig. Waar ik voorheen met boter en suiker voor dit acteertalent viel, herken ik het nu gelukkig op een kilometer afstand. Als ik moest kiezen uit tien mannen, negen waren goed en eentje was fout, je voelt hem al aankomen, maakte ik blind de keuze voor die ene foute man.

Ik heb dus heel wat huiswerk en examens gemaakt in de tussentijd. Ik ben er zelfs letterlijk doodziek van geworden. Ik heb mezelf weggecijferd, al mijn energie geven aan de foute liefde van mijn leven, ten koste van mezelf. Ik heb zelfs het “gebroken hartsyndroom” op mijn curriculum vitae staan. De vader van mijn zoon liet mij achter met een baby van 1 maand en een paar maanden na de geboorte, ik gaf nog borstvoeding, lag ik op de intensive care te vechten voor mijn leven, omdat mijn hart gebroken was. Deze ‘Peripartum-Cardiomyopathie’ (PPCM), het ‘gebroken hartsyndroom’ dus, ontstaat na een heftige negatieve gebeurtenis. Over het algemeen in de laatste periode van de zwangerschap of tot een half jaar na de bevalling. Mijn zoon Lyam was vijf en halve maand jong, toen ik in deze noodlottige situatie terecht kwam. Perfect volgens het boekje zou je kunnen stellen. Ik heb het overleefd en mij er doorheen geslagen, met de hulp van dierbare vrienden, familie en thuiszorg, want ik kon niets meer, werkelijk niets. De vader van mijn zoon, die was dus met de noorderzon vertrokken, en al aan het warm lopen voor zijn derde ego-prothese, die na negen maanden tevens van zijn derde kind beviel. Hoe dan? hoor ik je denken.

Het lijkt wel een soort verslaving, want uiteraard begint de relatie met een foute man, net als iedere relatie, heel leuk en superfijn. Zelfs meer dan dat. In deze “love-bombing” fase lijkt alles perfect. Ik werd veroverd en ben er volledig ingetuind. Eindelijk een man die mij als echte vrouw behandelde, zo dacht ik. Hij plaatste mij op een voetstuk, om mij er vervolgens keihard weer vanaf te gooien. Hij vertelde mij precies wat ik wilde horen en deed precies wat ik wilde voelen, voor heel even. Echter, het was een pure facade, een valstrik. Ik was gevoelig voor zijn vleiende en imponerende leugens. Deze foute man weet namelijk precies je gevoelige snaar te raken. Feilloos. Bingo. Dat is het ook. Een soort bingospel en je denkt iedere keer dat je gaat winnen, omdat toevallig een keertje op jouw kaart de BINGO viel. Volledig aan de grond, zonder gezondheid, werk, inkomsten, bleef ik berooid en liefdeloos achter, met baby weliswaar, mijn grootste liefde! Dat is mijn redding geweest. Mijn zoon. Voor hem moest ik door en verder met mijn leven.

Ik heb mij uit de ellende gevochten. Nadat mijn hart, dankzij intensieve revalidatie en therapie, weer de normale slagen per minuut behaalde, zette ik mezelf weer op de kaart van media land en kreeg ik mondjesmaat weer programma’s te presenteren en kon ik geheel zelfstandig mijn zoon een mooi leven en goede schoolopleiding bieden. De foute man was in geen velden of wegen te bekennen, tot zoonlief opbloeide tot een leuke jongen. Toen kwam de foute man weer als een duveltje uit een doosje opgedoken. Achteraf ben ik wel blij dat dit is gebeurd, want nu heeft mijn zoon in ieder geval weer contact met zijn biologische vader, ook al heeft hij tijdens de opvoeding verstek laten gaan op alle gebied, nu kunnen ze de draad weer oppakken en mijn zoon mag zijn eigen conclusies trekken.

Moraal van mijn verhaal: ik ben door deze ervaring een zelfstandige, autonome, onafhankelijke en sterke vrouw geworden, die haar hart alleen nog maar opent voor de goede en juiste man, die best een beetje stout mag zijn, dat houdt het ook in balans. Echter, mijn motto blijft: liever alleen, dan slecht begeleid door de foute man.