fbpx

Dit is wat André van Duin gelukkig maakt

Wendy danste in zijn Revue en was assistent bij Wie ben ik? Toen hij met Ron Brandsteder de show stal. Nog steeds is de eeuwig jonge André van Duin (72) druk, zoals met Denkend aan Holland. Aan de hand van de klassieker van Ramses Shaffy deelt hij zijn lessen in geluk.

Zing

‘Ik hou van chansons. Charles Aznavour: heerlijk. En jazz! Ella Fitzgerald. Muziek kan ik de hele dag thuis op de achtergrond draaien. Ik word er vrolijk van, krijg er een vakantiegevoel bij. Laatst heb ik nog een album gemaakt met al die mooie liedjes van Wim Sonneveld. Als ik een nummer van hem bij André Rieu zong, zeiden mensen weleens: “och, och, wat zing je dat toch mooi.” Tijdens de opnames van Heel Holland bakt draag ik altijd zo’n zendertje, onze geluidstechnicus hoort alles. Die zei: “Goh, jij zit echt de hele dag te zingen!”‘

Vecht

‘Ik heb nooit veel hoeven vechten, heb altijd enorm veel geluk gehad. Alles is me komen aanwaaien, ik ben daar ongelofelijk dankbaar voor. Zoals de laatste jaren, dat je van eeuwige komiek zo’n andere kant op mag gaan, een rol krijgt in Hendrik Groen, Heel Holland bakt mag doen, nu weer met Ferry de Groot de podcast van de Dik Voormekaar Show mag maken, dat ik in een bootje mag varen met Janny van der Heijden voor Denkend aan Holland… Dat mensen me voor van alles blijven vragen en steeds zeggen: “Goh, wat doe je dat toch leuk.” Het is ook van alle generaties dat mensen me wel ergens van herkennen. Toevallig had ik laatst een etentje met Mark Rutte. Die begon meteen over Ome Joop en Dik Voormekaar: “Jaaaaahooorr, daar zijn we weer!” Zelf loop ik er nooit zo mee te koop, hoor. Zegt Wendy dat ik altijd zo verlegen was? Nou, ik ben niet het type van: tadaa, hier zijn we dan! Meer van: let maar niet op mij.’

Huil

‘Hoe ouder ik word, hoe gevoeliger. Ik huil sneller, word wat sentimenteler. Mensen vallen weg, laatst nog Martine Bijl, ik vond het verschrikkelijk. Mijn eigen einde komt ook dichterbij, de grote toekomst ligt achter me. Ik tik het elke keer af dat ik me nog zo goed voel. Al weet je nooit wat je hebt. Mensen doen van die scans, hè… Nou, dat is niks voor mij. Bij zo’n scan vinden ze altijd wel wat en voordat je het weet zit je in de malle mollen van het medische circus. Nee, hoor. Al heb ik makkelijk praten. Als ik een keer helse pijn krijg, piep ik vast wel anders.’

Bid

‘Het geloof heeft donkere en troostende kanten. Alle oorlogen gaan erover, dat is de ellende. Ik ben niet religieus opgevoed en heb er ook nooit wat van meegekregen. Dat ik ouder word, veranderd daar niets aan.’

Lach

‘De lach is mijn hele leven mijn beste vriend geweest. Een geweldig idee dat zo veel mensen daar zo veel troost aan hebben ontleend. Als mensen me bedanken, is dat wat ik hoor: “Het heeft me zo geholpen dat ik even lekker lachen kon.” Dankbaar. Zonder lachen kom je ook niet ver. Ik begreep dat tijdens de oorlog de humor als een soort medicijn hoogtij vierde. Humor is vaak troost, een ontlading. Op begrafenissen wordt vaak gelachen, omdat het bevrijdt.’

Werk

‘In zekere zin kun je zeggen: ik heb nooit gewerkt. Omdat ik het altijd zo leuk heb gevonden. AL was ik er na de honderdvijftigste Revue wel klaar mee, hoor. Weer naar Helmond, Venlo, Vlissingen, wéér die bus in. Maar – en dat weet Wendy vast ook nog wel – het was wel heel gezellig in die bus. Met hapjes, spelletjes, een dolle boel. Toch, als ik vanuit mijn raam naar buiten kijk en wéér die bus van The Lion King zie staan, denk ik nooit: ik wil mee.’

Bewonder

‘Met Janny, een leuk, gezellig mens, heb ik Denkend aan Holland gemaakt. We varen een beetje, zij bakt een appeltaart, ik stuur het bootje, we hebben leuke gesprekjes met mensen. Er gebeurt dus eigenlijk niet zo heel veel, maar het leuke is: ik heb het resultaat gezien en het is tóch heerlijk om naar te kijken. Gezellig. En Holland bewonder ik zeer, het is heel mooi. Mijn man Martin en ik zijn niet van die reizigers. Vliegen? Liever niet. De trein is wel fijn, dan kun je zo lekker heen en weer lopen. Hotelletje, treintje, ander hotelletje: leuk. En dan hoef ik helemaal niet naar het buitenland. Holland is mooi genoeg.’